
Bij zes verschillende toepassingsgebieden wordt de microscoop gebruikt:
- Huidkrabsel of haren: zoeken naar mijten(schurft), luizen, schimmels, gisten, bacteriën, etc.
- Histologie en cytologie: cel- en weefselstructuren onderzoeken naar vorm (goedaardige of kwaadaardige tumoren), een bacteriële of steriele ontsteking of een allergische reactie
- Bloeduitstrijkje: zoeken naar afwijkingen in het bloed (bijvoorbeeld de vorm van de cellen) of zoeken naar een parasiet, kiem of virus in het bloed
- Urine: kijken of er kristallen en/of bloedcellen aanwezig zijn in de urine
- Ontlasting: onderzoek naar zweepdiertjes (zoals Giardia) en wormen
- Fokkerijbegeleiding: vaginale uitstrijkjes, kwaliteit van sperma controleren
Bij Dierenkliniek Het Zicht beschikken we over de Medonic. Dit
is een bloedanalyse apparaat dat met minder dan 1ml bloed ons een
heleboel kan vertellen over uw huisdier. De Medonic telt het aantal
rode- en witte bloedcellen, het aantal bloedplaatjes en geeft
hiervan ook een verdeling weer binnen in het bloed. Met dit
apparaat kan de dierenarts dus kijken of er bijvoorbeeld een
ontsteking in het lichaam zit of dat uw huisdier misschien
bloedarmoede heeft. Men noemt deze methode van analyseren de
haematologie.
Verder beschikken we over de Spotchem. Dit bloedanalyse apparaat
meet de chemische waarden in het bloed. Deze vertelt ons meer over
de organen in het lichaam van uw huisdier. Zo weet de
dierenarts binnen enkele minuten te vertellen of uw huisdier
een lever- of nierafwijking heeft of dat hij of zij suikerziekte
heeft. Deze methode van analyseren noemt men de biochemie.
Door middel van bloedanalyse kunnen we afwijkingen vinden in o.a.
de hormoonhuishouding, schildklier en vruchtbaarheid.

Onderzoek van de urine kan in meerdere gevallen
nodig zijn.
Wanneer uw huisdier plots meer begint te drinken en/of te plassen,
niet kan plassen of het moeilijk op kan houden is het verstandig om
een urinetestje te laten doen bij de dierenarts. Dit geldt ook
wanneer er bloed in de urine zit of wanneer de urine een afwijkende
geur en/of kleur heeft.
Voor een urinetestje hoeft u in de meeste gevallen alleen de urine
mee te nemen naar de praktijk, maar soms is het noodzakelijk om ook
uw huisdier mee te nemen.
Let op! Wanneer uw huisdier niet meer kan plassen is dit een
spoedgeval en moet u direct bellen!
Urine kan onderzocht worden door middel van vier verschillende
methodes:
-
Refractometer: hiermee meet de dierenarts het soortelijk gewicht van de urine. Zo kunnen we zien of de urine erg verdund is of juist erg geconcentreerd.
-
Urinestrip: deze strip geeft de dierenarts binnen enkele seconden meer informatie over het eiwitgehalte, de ketonen, pH, leukocyten (ontstekingscellen), glucose, bilirubine en rode bloedcellen.
-
Sediment: nadat de urine gecentrifugeerd is kijkt de dierenarts naar het bezinksel. Deze onopgeloste stoffen bekijken we onder de microscoop. Dit geeft ons meer informatie over eventueel aanwezige kristallen (gruis), bacteriën, witte- en rode bloedcellen in de urine.
-
Totaal analyse of hormoonbepaling: soms is het nodig om de urine op te sturen naar een extern laboratorium. Hier kunnen hormoonbepalingen gedaan worden om bijvoorbeeld de ziekte van Cushing te diagnosticeren.
Ontlasting onderzoek kan een zeer waardevolle diagnostiek
zijn.
Problemen met de ontlasting kunnen aanwijzingen geven met
betrekking tot de spijsvertering.
Onder de microscoop kan de dierenarts zoeken
naar parasieten en/of bacteriën.
Wanneer uw huisdier klachten heeft zoals gewichtsverlies (ondanks
normale eetlust) of aanhoudende diarree stellen wij vaak voor om
een aantal dagen ontlasting te verzamelen van uw dier. Dit kan de
dierenarts dan onderzoeken.







